Begrafenis

Wat een dag...

Vanmorgen ging om half acht de wekker. Marleen is er toen uitgegaan, ik heb nog even gedoezeld tot een uur of acht. Snel douchen en daarna eten met elkaar. En dan blijkt het weer niet mee te zitten: overal ijzel. Met veel familie vanuit Rijssen en Vriezenveen was het wel even spannend. Gelukkig waren de dragers op tijd aanwezig.

Ergens rond die tijd hebben de kinderen samen bij Diederiks kist gestaan en samen aan hem gevoeld. Zo'n mooi moment weer, gisteravond hadden ze dat ook gedaan. Anneke wilde het eerst niet (nadat ze dat eerder al wel had gedaan), maar Jan jr. pakte haar hand en trok haar mee en legde zo hun beide handen op Diederiks borst. Zo'n lief gebaar, de kleine broer die de grote zus leidt...

Tijdens het koffiedrinken, toen mijn schoonouders, ouders, Arno en Annemarie en de begrafenisondernemers aanwezig waren zijn Marleen en ik nog even daar gaan zitten. Dat was wel een verdrietig moment, want, zoals Marleen het zei: "ik wil niet dat hij onder de grond gaat!". Tja. Dan bekruipt je de angst dat het nog een heel zware dag zal worden.

Toch kwam er, vanaf het moment dat we begonnen een soort rust over ons. De molen kwam op gang, maar er was meer dan dat. Dat beseften we pas halverwege of zelfs achteraf. Samen met Jan jr. heb ik de kist dichtgeschroefd voor de rit naar de kerk. Op een karretje hebben we hem naar buiten gereden tot het oprit, daarna hebben we hem in de rouwauto getild. Vader, pa, Arno, Jan jr. en ik. Jan jr. heeft de kist aangeduwd tot hij niet verder kon en heeft de vergrendeling geplaatst en aangedraaid.

Daarna zijn we richting de kerk gereden. Bijzonder te vernoemen vond ik dat de begrafenisondernemer de eerste 100 meter naast de auto liep en de laatste 100 meter ook. Dat geeft iedereen tijd om aan te sluiten en ik denk dat het uit respect is voor de overledene. Toch was ik wel blij dat we gingen rijden, ipv stapvoets.

Bij de kerk hebben we hem samen naar binnen gedragen, nadat Jan jr. de kist weer uit de auto had getrokken. Eenmaal in het bijgebouw van de kerk hebben we hem op een baar geplaatst en naar de grote zaal gereden. Bij opening van de kist bleek dat Diederiks lichaam de rit goed doorstaan had. We hebben hem nu zonder glasplaten op de kist, gewoon open en bloot in de grote zaal laten staan.

De mensen die over ver kwamen en verschillende mensen die ook al geweest waren, hebben van de gelegenheid gebruik gemaakt om ons te condoleren of nogmaals sterkte te wensen. Door het slechte weer (de vele ijzel) kwam de klas van Wendy helaas niet, omdat veel van haar klasgenoten van over ver met de bus naar school komen. De school was gesloten en de bussen reden niet. De klas van Jan kwam wel, op de fiets nog wel vanaf school.

En dan komt het moment dat het condoleren afgelopen is en je nog even tijd krijgt bij de kist, waarna die dicht moet. Dat deed pijn, omdat je hem daarna je hele leven niet terug ziet. Hoe oud je ook wordt. Allemaal hadden we het daar moeilijk mee. Jan en ik hadden vanmorgen ook het deksel erop getild en later weer afgetild, nu hebben we dit ook weer gedaan. Maar nu voor altijd dicht. We waren met 9 mensen voor 8 knoppen (ouders, schoonouders en ons gezin), Anneke heeft met mij de knop aangedraaid en voor de rest iedereen een knop. Moeilijk moment.

Dan met de dragers naast de baar en de rest achter de kist vanuit de grote zaal naar de kerk. De deuropeningen zijn maar net zo breed dat de kist er door kon, de dragers konden er niet naast. Jan vooraan en ik achteraan, zo hebben we hem de kerk binnen geduwd. Daarna de dragers er weer naast en onder orgelbegeleiding van psalm 23 vers 1 hebben we de kist voor de preekstoel gezet. Daar vlak achter hebben we ook gestaan toen we hem ten doop hielden, ruim 9 jaar geleden. Nog even respectvol naar de kist kijken en op het teken van de begrafenisondernemer hebben we plaatsgenomen in de banken.

Daarna ontrolde zich de dienst volgens de liturgie die voor iedereen klaar lag in de kerk. Als ik eraan denk zal ik deze op een later tijdstip hier toevoegen. Eerst hebben we uit psalm 102 de verzen 15 en 16 gezongen. Hiermee werd ik zondagmiddag wakker na m'n middagslaapje. De dominee heeft daarna Jesaja 61 vers 1 tot 11 gelezen, gebeden en een overdenking gedaan over vers 2a: "Om uit te roepen het jaar van het welbehagen des HEEREN".

Hoeveel troost het geeft wanneer je zeker mag weten dat je kind een kind van God mag zijn, is onbeschrijfelijk. Als door zoveel mensen bevestigd wordt wat je zelf gezien hebt, dat is een enorme troost. Het stukje dat speciaal voor de kinderen was, waarin de dominee uitlegde hoe Diederik, met z'n functionele leeftijd van 3 tot 6 maand, kon laten blijken dat hij de Heere lief had is me bijzonder bijgebleven. Zo'n maand voor het overlijden van Diederik bad ik of de Heere hem op Zijn tijd thuis wilde halen en direct daarop reageerde hij met "heuh". Tot drie of vier keer toe. Zo was ook zijn laatste bewuste geluid tijdens het lezen uit de kinderbijbel. Zo'n wonder, onbegrijpelijk. Daarnaast mochten we horen over het jubeljaar, het jaar van het welbehagen van de HEERE. Och, ik zou willen dat ik het allemaal woordelijk kon herhalen, de rijke boodschap van de twee wegen: OF opstaan in het jubeljaar, OF verloren gaan.

Daarna heeft de dominee weer een gebed gedaan en hebben we de verzen gezongen 4 en 6 vanuit psalm 48. Met "Want deze God is onze God" werd ik zondagochtend wakker. Wat een heerlijk lied als je dit vanuit je hart mag zingen!

Tijdens het uitdragen heeft het orgel psalm 45 vers 7. Dit vers heb ik vaak gespeeld in de tijd dat Diederik ziek was. Telkens moest ik daarbij huilen, want, we zouden Diederik uit moeten dragen uit ons huis, om naar zijn Koning te gaan. Ik had het zelfs vanmorgen thuis nog op het orgel gespeeld. Maar nu, nu is het geen droevig vers meer.Waar kan hij het beter hebben? Al die tijd was het omdat ik hem moest gáán missen. Terwijl de Heere dat gemis nu lijkt toe te dekken, zodat de pijn niet zo zeer gevoeld wordt als de angst toe om hem te gáán verliezen. Misschien was dat het moment wel waarop ik merkte dat de rust die we hadden een heilige rust was: de Heere was vandaag in ons midden. Het was veel meer dan in beweging blijven en de dag doorkomen!

Nadat de kerk leeggestroomd was, hebben we Diederik in de begrafenisauto gedragen. Jan jr. heeft weer de kist aangeduwd en vergrendeld. De vrouwen moesten rijden, want het laatste stuk voor de begraafplaats moesten wij uitstappen om de laatste 100 meter naast de auto te lopen. Een laatste keer mocht Jan Diederiks kist uit de auto trekken, waarna we hem samen met ons vijven naar het graf hebben gedragen. Dat was nog wel een eindje, dat had niet langer moeten duren. We wilden namelijk geen baar gebruiken, maar hem dragen, een laatste keer. Nog een keer draaien en dan met de voeten richting het pad op de lift zetten.

Toen iedereen om het graf stond, heb ik de lift laten zakken. Ook dit was een moeilijk, emotioneel moment. Wat is het moeilijk om je jongen, het lichaam van je jongen in de aarde te moeten laten zakken. Toch was ik blij dat ik het zelf mocht en kon doen. Gleed ik nog bijna van de rand af, maar gelukkig ging dat goed.

Onze predikant heeft daarna nog een paar woorden gesproken en voorgelezen uit Openbaring 21 van vers 1 tot 7 en van 22 tot 27. Dan nog de apostolische geloofsbelijdenis. Wat mooi trouwens om die over de begraafplaats, tussen de levenden en de doden, te horen.

Toen was het tijd om mijn dankwoord te spreken. Ik had vlak ervoor al een aantal malen gebeden om kracht en rust, want een beetje spannend blijft het voor een groep staan toch wel. God zij dank (en dat is geen loze kreet) kreeg ik rust en kracht om rustig mijn dankwoord uit te kunnen spreken. Als ik eraan denk zal ik dit ook later toevoegen, samen met de liturgie.

Samen hebben we nog psalm 116 vers 1 en vers 11 gezongen. Bij "God heb ik lief, want die getrouwe Heer" heb ik Diederik op zijn ziekbed eens zo'n speciale "heuh" horen geven, heel bijzonder. Bijna alle kinderen kenden dat lied ook. Wat een wonder dat dat lied dan rond een open graf mag klinken! Ik hoop dat het weerklonken heeft in de harten van de omstanders!

Nadat iedereen nog langs het graf was gelopen en afscheid had genomen, hebben wij nog heel even erbij gestaan/ gezeten. Ik heb Marleen en de kinderen gevraagd of ze nog even wilden blijven of wilden gaan, maar het was goed zo.

Terug in de kerk hebben we gezamenlijk broodjes met koffie of thee gehad. Na het tweede kopje hebben we nog een aantal psalmen gezongen. Anneke gaf psalm 23 vers 3 op, Wendy psalm 19 vers 1 en Jan psalm 18 vers 9. Zoek ze maar eens op, daar zit zoveel rijkdom in die drie versjes! Als laatste gaf de begrafenisondernemer zelf psalm 100 vers 2 op, dit was de tekst die op Diederiks geboortekaartje stond. De tekst daarvan wilden we eigenlijk op de rouwkaart zetten, voordat de Heere tegen me zei dat ik Jesaja 61 vers 1 tot 3 erop moest zetten.

Na het danken voor ons eten hebben de aanwezigen ons sterkte en Gods nabijheid gewenst en zijn daarna huns weegs gegaan. Ouders, schoonouders en Arno en Annemarie zijn nog even mee naar huis geweest, zodat we niet helemaal in een leeg huis terecht kwamen. Toen we thuis waren was het voor Marleen even teveel, zij wilde liever even op zichzelf zijn, maar zo was het toch ook goed. Ze zijn niet zo lang gebleven omdat we tóch ook weer alleen in dat huis met een lege plek moesten blijven.

Tja, daarna bespreek je na met elkaar. Sindsdien veel met elkaar gesproken, af en toe een traan, maar ook nu is er geen diep, ontroostbaar verdriet. Zo gaandeweg de gesprekken mochten we opmerken dat we geen van allen zoveel emotie hebben gehad dat we onszelf niet meer in de hand hadden. Sterker nog, we hebben kracht gekregen om samen deze dag door te komen, waarbij het verdriet de overhand niet heeft gehad. We mogen ervaren dat de Heere vandaag in het midden is geweest en ons bijzonder veel rust heeft gegeven. Natuurlijk blijf je het gemis voelen dat je Diederik niet meer kunt knuffelen, niet meer met hem kunt spelen, niet meer voor hem kan zorgen, enzovoorts, maar tegelijkertijd is er zo'n troost, zo'n rust, zo'n ... ik weet het niet. Kan het niet in woorden vatten. We mogen opmerken dat wanneer de Heere Zijn kind wegneemt, Hij tot hier toe geen lege plek achtergelaten heeft. Ik hoop van harte dat dat zo mag blijven, ja dat we allemaal meer krijgen dan dat: dat we allemaal Zijn kinderen mogen worden, om straks samen met Diederik, na de opstanding, Hem tegemoet te gaan.

Wat voel je je dan beperkt als je met je vrouw en kinderen spreekt over deze dingen. In deze gevoelige tijden ligt de voren diep open en mag je het zaad in alle gebrek strooien, maar wasdom en bloei kun je niet geven. Het is niet aan ons om aan te wijzen wie gered mag en zal worden en wie niet. Dat is maar goed ook, natuurlijk! Maar even zo goed blijf je wel bidden en zaaien in de hoop dat er eens wasdom zal zijn, opdat we mogen zeggen wat Jozua zei: "ik en mijn huis, wij zullen de Heere dienen"!

Een lange blogpost, na een lange, intense dag waarbij overblijft grote verwondering voor de kracht en rust die we mochten ontvangen. Geve de Heere dat HIJ de eer er van krijgt en wij de voortduur ervan.

Reacties

Lieve mensen,

Tranen in de ogen, wat een dag, maar wat heeft de ds het liefdevol gedaan, en idd wat een liefde bij jullie, altijd al maar wat een wonder, geweldig. Maar Jan wat mócht jij het ook liefdevol doen, Gode de Eer. en wat de ds zei: Ook daarna zál God er zijn! Hij doet nóóit half werk! Er zullen vast wel moeilijke momenten komen, maar ook dán is Hij Dezelfde. De Eerste en de Laatste, maar óók er tussen in! Ook wij missen hem, we hielden van Diederik. Al voelt het als, nu zeg ik teveel, het gaat niet om ons, het was jullie kind. Maar wat de ds zei, het was en is Gods kind. Lieve mensen we hopen dat jullie geslapen hebben, en als we jullie ergens mee kunnen helpen, graag! Gerrit belt nog.

Liefdevolle groetjes De Beltjes