De eerste verjaardag zonder Diederik

Gisteren mocht Jan jr. 11 jaar worden, de eerste verjaardag zonder Diederik. Hij zag er al een hele poos naar uit. Hij was al blij dat we "maar" 30 dagen uiterlijke rouw zouden hebben, want dan kon hij op zijn verjaardag weer kleren in kleur aan. Dat was toch feestelijker, vond hij. Terecht. Fijn dat hij zo kind kan zijn!

We hebben er een gezellige dag van gemaakt. Met toch ook plaats voor (het verdriet om) Diederik. Het deed ons allemaal pijn, maar we hebben ook gezellig samen gebak gegeten, gepraat, gezongen en Jans verjaardagscadeau in elkaar gezet: een hoogslaper met een bureau eronder. Ik heb het heel concreet benoemd dat we ondanks het overlijden van Diederik toch de verjaardag vieren. En daar even over doorgepraat, om te laten zien dat beide onderwerpen valide onderwerpen zijn die ook samen mogen bestaan in je gevoel. Ook in het verdriet is het goed om feestelijk te gedenken dat je weer een jaar gespaard bent! En dat het dan iets ingetogener is dan anders, och, dat snapt ook een kind!

We blijven met z'n allen moe. Marleen kan het het makkelijkst weer oppakken, maar ook zij is nog lang niet bijgeslapen. We slapen ook niet alle nachten even goed, soms gelukkig wel.

Anneke doet haar best om school en stage zoveel mogelijk bij te houden en zoekt ook hulp hierbij.

Wendy bleef maar somber en kwam er niet doorheen. Vorige week heeft ze een gesprekje gehad bij een praktijkbegeleider van de huisarts die ervaring heeft met rouwverwerking. Ze vond het maar zozo, vooral omdat ze niet haar hele verhaal kwijt durfde, met name het gedeelte over haar geloof. Toch denk ik dat ze er wel wat aan gehad heeft, want ze heeft daar afgesproken om, net als ik naar mijn werk, om de dag twee uurtjes naar school te gaan.

Vorige week kwam eruit dat ze al langer last had van de duivel: die zei tegen haar dat Diederik niet bij de Heere is, maar bij hem in de hel. Samen hebben we gebeden. Ik heb haar uitgelegd dat ik daarom telkens bid of de Heere de duivel weg wil sturen naar de woeste plaatsen waar geen mensen zijn, zodat hij hier niet met zijn ketting kan rammelen. Zoals Luther zegt: de duivel is Gods aap. Hij kan niet verder komen dan dat de ketting lang is. Hij gebruikt hierbij het middeleeuwse beeld van een (half tamme) aap aan een ketting. De duivel heeft daarna moeten wijken en kon geen kracht meer doen.

We hebben afgesproken dat ze, zolang ze niet naar school gaat, in ieder geval de sociale dingen zou blijven doen. Toch hielp dat ook niet. Vorige week was ik het zo zat, dat ik haar uit fietsen heb gestuurd. Ze werd ontzettend boos op mij, "ze was al zo moe", maar is toch gegaan. De volgende dag bleek ze ineens heel veel beter te pas. Dat zei ze ook, flinke meid als ze is: "je had toch gelijk, papa"! "Dat is fijn meid, maar waarmee?" "Dat fietsen helpt!" Sindsdien gaat ze elke dag een half uur tot een uur fietsen, uitwaaien, om energie te verbranden, maar ook om die op te doen. Samen met het verdwijnen van de dwanggedachten omtrent Diederiks zieleheil (zonder tussen "N", principiële schrijffout!) zorgt dat ervoor dat ze veel vrolijker is en veel beter te pas. Weer twee uurtjes naar school afgelopen maandag ging zelfs heel goed!

Jan houdt zich wat op de vlakte. Het is duidelijk dat het hem veel doet, maar ermee naar buiten komen, dat gaat niet. Wel is hij veel knuffeliger geworden, zo uit hij zijn verdriet. Gistermiddag na het gebed rond het middageten, waarin ik Diederik en vooral het gemis van Diederik aanhaalde, was iedereen verdrietig. Aan Jan had tranen in de ogen, "maar het deed maar een beetje pijn". Die tranen vertelden wel een ander verhaal… Hij gaat sinds deze week weer hele morgens naar school. Hij ziet nog wel erg pips, maar de hoofdpijn is weg. Dat gaat gelukkig de goede kant op. Morgenmiddag houdt hij zijn feestje voor de klasgenoten en zaterdag komen de opa's en oma's, daar ziet hij erg naar uit.

Zelf ben ik volop bezig met de fysio om op een gezonde manier weer te bewegen, zodat mijn schenen, knieën en rug minder pijn gaan doen. Dat zal nog wel even duren voor het weer helemaal vanzelf gaat, soms doet alles pijn en loop ik als een oud mannetje.
Afgelopen maandag ben ik weer begonnen met twee uurtjes werken. Dat ging redelijk goed. Na anderhalf uur kwam de hoofdpijn opzetten en toen ik thuis kwam was ik doodop. Ik had denk ik niet meer langs moeten gaan bij de motorgarage om naar mijn motor te kijken. Die staat al drie kwart jaar daar omdat de reparatie in eerste instantie niet lukte en ik later door alle perikelen er niet meer aan toe gekomen was. Daarna ben ik wel naar de fysio geweest, dat ging, ondanks de vermoeidheid, wel goed. Goede stimulans om daarmee door te gaan.

Marleen en ik bezoeken dagelijks het graf. Tegelijkertijd blijf je het gemis de hele dag meedragen, het is niet extra bij het graf. Soms knijpt verdriet even het extra bij het graf, maar dat kan net zo goed en zo sterk thuis gebeuren. Toch is het fijn om samen bij het graf te staan, erover te praten en soms maar gewoon op een bankje te zitten iets verderop. Soms spreken we dan over ons gezin en andere dingen, vaak over Diederik en onze kinderen.

We staan allemaal met het gemis van Diederik op, leven er de dag mee door en gaan ermee naar bed. Meestal is het op de achtergrond aanwezig en veel gesprekken monden uit op Diederik en het gemis van hem. Soms doet het diep pijn, meestal is het dragelijk. Anneke ervaart meer dat het veel pijn doet, trouwens. Soms stapelt het verdriet zich op en moet je uithuilen, meestal kabbelt het rustig door.

Het scheelt dat Diederik in zijn goede periodes elk tweede weekend uit logeren ging. Daardoor is het nu minder vreemd om hem niet om je heen te hebben. Er staat ook geen lege stoel en ook geen bord minder op tafel, omdat hij toch allang niet meer mee at. Tegelijkertijd zijn er zoveel dingen die aan hem herinneren dat je je soms afvraagt of het überhaupt wel uit maakt.

Twee weken geleden zag ik in een blad het boekje "Als grenzen vervagen" van Dr. H.J. Achteresch (medicus en inmiddels student aan de theologische hoge school van de Gereformeerde Gemeenten) zien staan. Dit gaat over beslissingen rondom het levenseinde. Dát boekje had ik graag gehad toen we voor allerlei beslissingen stonden. Tenminste, dat dacht ik op het moment dat ik het boekje in het blad zag staan. Wendy heeft het vorige week maandag voor me gehaald en ik heb het vorige week praktisch in één ruk uitgelezen. Wat leeft het onderwerp dan, als je net al die dingen achter de rug hebt. Ik wilde vooral graag zien in hoeverre onze besluiten en handelen overeen kwamen met wat in het boekje stond.

Wat hebben we vooraf geworsteld met bepaalde beslissingen. Al lezend kwamen die momenten terug. Ik ben er heel verdrietig van geweest, wat een zorgen. Maar wat mag je dan de leiding van de Heere zien. Het was goed dat we dat destijds samen met onze dominee besproken hebben en zo de weg biddend gegaan zijn. En wat is het goed dat ik dit boekje pas nu las en zo uit andere bron dezelfde gedachtegangen terug zie komen. Het boekje werkt voor mij als een katalysator om de pijn van die zware beslissingen opnieuw onder ogen te zien en ze te verwerken. Er rust bij krijgen.

Vandaag was het een lang stuk, als de gelegenheid zich voordoet plaats ik nog wel weer eens een bijdrage.